![]() |
Als ik terugdenk aan de finale van de Melkvee Magazine Koeverkiezing op 1 oktober in Hoornaar, dan denk ik aan hoe al die bewezen toppers daar op een rij stonden. Wat een prachtig gezicht! En wat een geweldige prestaties van deze koeien en hun eigenaren, die lang in de anonimiteit bleven. De acht oude koeien produceerden gemiddeld op 14,1 jarige leeftijd 117.162 kilo melk met 3,64 procent eiwit en realiseerden een celgetal van 173 en een inseminatiegetal van 1,6. Deze koeien hebben voor veel opbrengsten gezorgd, maar ook nog eens voor een lage kostprijs en veel werkplezier voor de eigenaren! De aandacht die deze koeien krijgen is dan ook meer dan verdiend. Het werd zelfs hoog tijd.
Wat zou het toch mooi zijn als we dit soort koeien ook voor de fokkerij zouden kunnen benutten. Ze voldoen immers aan het fokdoel van 99,5 procent van de veehouders. Enkele van deze koeien zijn herkeurd en terecht opgewaardeerd voor hun correcte bouw, resulterend in een goed exterieur. Laatrijpe dieren die als vaars nog niet de AB-waardige score haalden omdat hun kwaliteiten nog niet herkend werden en nog niet helemaal tot uiting kwamen. Ze waren misschien nog wat rond, ze hadden wat meer breedte in verhouding tot hun hoogte. De uier hangt dan iets minder hoog in het skelet dan bij van die grote imponerende vaarzen en ze worden dan net iets te gewoontjes bevonden om voor AB in aanmerking te komen. Maar de uier is wel met veel lengte en breedte opgehangen, waardoor er veel bodem in de uier ontstaat. Dit soort uiers worden niet veel dieper, mits de koe ook over een voldoende diepe voorhand beschikt, met ruimte voor het hart, om het uier goed te kunnen doorbloeden. Andersom komt ook voor: mooi als vaars, maar snel slijten.
Wat we willen, is goede koeien fokken, in plaats van goede vaarzen. Kunnen we koeien die later echt goed blijken te zijn dan niet beter alsnog een kans geven om stiermoeder te worden? Hierdoor kunnen we naar mijn idee betere stieren fokken. Betere stieren zorgen meteen ook voor betere stiervaders. We kunnen dan waarschijnlijk ook nog veel harder vooruit in de fokkerij dan we nu denken. Alleen laat het systeem ons geloven dat we de boot missen als we de snelheid – door veel generatiewisselingen – er niet goed inhouden. Maar van hoeveel stieren kunnen we achteraf zeggen ‘dat was een goede stier’? Minimaal driekwart heeft niet gebracht wat we hadden gehoopt. Misschien moeten we net zoals bij deze koeien, ook bij de stieren eens terugkijken hoe de stieren die het goed hebben gedaan, gefokt zijn. Fokkerij is geen computerspelletje dat je na ‘game over’ gewoon weer opnieuw kunt beginnen. Laten we een ‘hopen op beter’-strategie omzetten in een strategie die ‘eerst goed selecteren’ heet.
Jurjen Groenveld aAa-analist en jurylid Koeverkiezing |
Reacties
Aantal: 1