![]() |
‘Melkveehouders bereiden zich voor op 2015. Houdt nu extra jongvee aan’ kopte een van de vakbladen in december. Hoe meer het quotumloze tijdperk nadert, hoe meer adviseurs beginnen te roepen over het aanhouden van extra jongvee. Prop de stallen vol, want stel u voor dat u per 1 januari 2015 niet meteen kunt groeien! U bent er een stuk slechter aan toe dan u zelf in de gaten heeft als u niets met de adviezen doet, zo kunt u dan lezen.
Veel adviseurs lijken niet in staat om breder te denken dan hun eigen belevingswereld. Zoals over de gevolgen van overbezetting, de extra tijd die ermee gemoeid is en de gevolgen voor de productie als het jongvee aan de melk komt. En let wel: in de meeste gevallen zal er dan ook nog gebouwd moeten worden. Maar ja, „extra jongvee kost niets extra en je kunt ze altijd nog verkopen”, was het antwoord van een van hen. Kortzichtiger kan het bijna niet.
Maar ook onderzoekers denken er iets over te moeten roepen. Zo veronderstelde een onderzoeker dat een korte tussenkalftijd extra belangrijk was vanaf 2015 omdat de koeien dan meer zouden moeten presteren. Mij ontgaat de logica, zeker als je bedenkt dat gezondheid en levensduur in de praktijk voortdurend strijden met een hoger productieniveau. Dat zien we maar al te duidelijk als we het productieniveau, de levensproducties en de productieve levensduur tegen elkaar afzetten. En hoe wil je een betere tussenkalftijd krijgen en een hogere productie als je niet eens voldoende tijd en aandacht kunt besteden aan het jongvee?
Het beeld dat ik krijg van melkveehouders, is toch heel anders. De afgelopen tijd heb ik eens gepolst wat ze werkelijk gaan doen. Het antwoord was dat ze vooral dachten aan optimalisatie. „Waarom zou je zo nodig moeten groeien? Dat moet je alleen doen als je het leuk vindt om een groot bedrijf te hebben.” De stal goed benutten zonder verlies aan productie vanwege overbezetting en zonder extra stress en ziektedruk. Dat is het eerste waar ze aan dachten. Ze moeten immers ook nog terug met het antibioticumgebruik.
Mij bekruipt het gevoel dat adviseurs en onderzoekers veronderstellen dat melkveehouders niet in staat zijn om zelf de juiste beslissingen te nemen over hun toekomst. En als de sectormanager van de Rabobank stelt dat investeringsplannen zullen worden getoetst aan duurzaamheid, dan is een bredere kijk op de wereld toch een eerste vereiste voor een goede adviseur. Tot nog toe is er nog niemand in staat geweest een zinnig antwoord te geven op de vraag waarom er in 2015 ineens gegroeid zou moeten worden. Ik zou zeggen: laat u niet gek maken en neem een adviseur met een brede visie op de zaken waar u mee geconfronteerd gaat worden. De uiteindelijke keuze maakt u zelf.
Willem van Laarhoven Valacon-Dairy, projectleider Duurzaam Melkvee |
Reacties
Aantal: 2