‘Fleckvieh en Broncorrector gouden combinatie’

Bertie Houwers wint Uitstekende Uiergezondheid Award 2010

Een gemiddeld tankmelkcelgetal van 66.000 cellen per milliliter en slechts twee mastitisgevallen in een heel jaar, bezorgden Bertie Houwers uit Winterswijk (Gld.) onlangs een Uitstekende Uiergezondheid Award. Bijzonder is dat de veehouder geen droogzetantibiotica gebruikt. Een Broncorrector heeft de natuurlijke weerstand van de Fleckvieh-koeien op een hoger plan gebracht.
 

Reageer op dit artikel

Reactie(s) bekijken »
*
*
Uw e-mailadres wordt niet op de website afgebeeld.
*
Beveiligings-code
Wanneer u de CAPTCHA beveiligings-code niet kunt lezen, klik dan op de afbeelding om een nieuwe willekeurige code te produceren.

Code *
    * Verplicht invullen
   
    Wilt u een reactie plaatsen op deze website? Lees dan eerst de regels door.
Waar de andere vier winnaars - op woensdag 30 juni ontvingen vijf veehouders een Uitstekende Uiergezondheid Award op het Zomersymposium van het Uiergezondheidscentrum Nederland (UGCN) - zich met behulp van een intensieve droogzettherapie vergewissen van een goede uiergezondheid, bewandelt Bertie Houwers een geheel andere weg. Hij gebruikt geen preventieve antibiotica om de uiergezondheid te bevorderen, maar zet in op een zo hoog mogelijke natuurlijke weerstand. Enerzijds door de keuze voor het Fleckvieh-ras, anderzijds door het plaatsen van een Broncorrector, een apparaat dat de schadelijke invloed van aardstralen corrigeert.

Reumaklachten

„Het was een zoektocht naar wat anders”, verklaart Bertie Houwers zijn kennismaking met de door de gangbare wetenschap niet erkende aardstralentheorie. „We hadden weerstandsproblemen bij het vee en ook bij ons gezin, klachten die niet te verklaren waren vanuit de normale geneeskunde. Wat het vee betreft, zochten we de oplossing aanvankelijk in kruisen”, aldus de veehouder die sinds 2003 een verdringingskruising met Fleckvieh toepast. Niet veel later werd ook de Broncorrector geplaatst. „Je hoort wel eens iets over aardstralen, maar denkt dan dat het op je eigen bedrijf toch niet van invloed zal zijn”, stelt Houwers, om te vervolgen: „mijn vrouw had reumaklachten, maar een uitgebreid onderzoek in het ziekenhuis leverde niks op. Onze dochter liep bij een therapeute in Almelo, die na verloop van tijd aangaf, dat wat zij opbouwde, thuis weer werd afgebroken.” Het zette Houwers aan het denken. „Ik ben hier in 1969 komen wonen en was toen negen jaar oud. Van de vorige bewoners hoorden we toen al dat je in bepaalde kamers slecht kon slapen en dat het vee onrustig was.”

Spanningsverschil

De zoektocht bracht de veehouder in contact met Henk Pauw, eveneens melkveehouder en daarnaast ervaren wichelroedeloper. Iets wat Houwers niet vreemd was, aangezien hij zich, ondanks zijn nuchtere inslag, als kind al spelenderwijs bezig hield met wichelroedelopen. Het contact bracht Houwers ertoe dat hij opnieuw ging zoeken naar zogenaamde wateraders (onderaardse waterstromen) en energiebanen. „Het zit hem in het magnetische veld, dat over de aarde is aangelegd. Kosmische stralen moeten diep in de aarde kunnen doordringen. Stuiten ze op weerstand als bijvoorbeeld wateraders, aardgas of steenkolen, dan worden ze teruggekaatst, waardoor er een spanningsverschil ontstaat in het aardmagnetisch veld. Op die plekken wordt alles wat er leeft belast door deze aardstralen”, verklaart Houwers de problemen.
De Broncorrector (zie kader) corrigeert het spanningsverschil zodat er een gelijkmatiger spanningsveld ontstaat. „Na plaatsing op ons bedrijf, merkte ik ’s avonds bij het melken direct al een verschil. Er kwam rust in de koppel. Gaandeweg gingen de koeien ook meer glimmen en daalde het celgetal. Ook de klachten in het gezin werden minder.” Omdat Houwers wichelroedegevoelig is, vroeg Albert Bron - zoon van Johannes Bron, zestig jaar geleden de bedenker en ontwikkelaar van de Broncorrector en thans hoofd van het familiebedrijf Bron’s Bodem Exploratie - de veehouder in zijn omgeving correctors te plaatsen. „Dat deed ik dan bij mensen waarvan ik wist dat ze klachten hadden.”

Melkrobots

Inmiddels is de verkoop van Broncorrectors voor Houwers uitgegroeid tot een volwaardige tweede tak. „Ik ben er vijf dagen per week druk mee”, aldus de Achterhoeker, die de zuidelijke helft van Nederland bestrijkt, evenals een stukje van Duitsland en België. Doorgaans gaat het om bedrijven met problemen, waar de gebruikelijke wegen niet tot een oplossing hebben geleid. Bijvoorbeeld bij melkveebedrijven waar een melkrobot is geplaatst en waar de koeien slecht willen komen en ook vaak zakken in de productie. „Als aan alle voorwaarden wordt voldaan en het loopt desondanks niet, staat de robot verkeerd. Bij vier van de tien robots wil het niet goed lopen. 90 procent daarvan krijgen wij toch aan het draaien.”
Hoewel de gangbare wetenschap de praktijken van Houwers en zijn collega’s niet erkent, weten melkmachinefabrikanten en voerleveranciers de wichelroedelopers wel te vinden. „Ik krijg geregeld mensen die zijn doorverwezen aan de telefoon, soms zelfs mondeling vanuit de gezondheidszorg. Ook wordt de weerstand tegen het wichelroedelopen vanuit de farmaceutische hoek minder”, heeft Houwers ervaren.

Geen droogzetters

Omdat de Broncorrector de voortdurende belasting van aardstralen op mens, dier en plant wegneemt, kan het organisme zelf zijn weerstand weer opbouwen. „Ik ent niet tegen blauwtong”, stelt Houwers. „Als de natuurlijke weerstand hoog genoeg is, kan er best een virus door de veestapel gaan, maar het zal geen grip krijgen. Besmettelijkheid is in mijn optiek dan ook een relatief begrip. Zaken als Airwash en dippen bijvoorbeeld zijn hulpmiddelen die niet nodig zijn als de natuurlijke weerstand hoog genoeg is.” Ook droogzetters past Houwers niet toe. „Als een koe een keer nog te veel geeft, gaat er een Orbeseal in. En ook brengen we de productie wel omlaag door één keer daags te melken”, aldus Houwers die een korte droogstand van drie tot maximaal zes weken hanteert.
Het gemiddelde tankcelgetal bedroeg het afgelopen jaar slechts 66, terwijl er in die periode maar twee koeien waren met uierontsteking. Deze twee dieren zijn na een behandeling met antibiotica in de nek en in de uier beide weer gezond geworden, maar verder is het gebruik van medicijnen en andere hulpmiddelen (hormonen) zeer minimaal. „De consument vraagt om antibioticavrije producten en ik vind dat wij als veehouders die moeten leveren.”

Afkalven gaat vanzelf

Houwers geeft aan dat de keuze voor Fleckvieh ook bijdraagt aan de goede weerstand. „Maar Holstein-veestapels zijn niet per definitie slecht. De combinatie van Fleckvieh en de Broncorrector is echter een gouden combinatie.” Houwers wijst op de extra omzet en aanwas en geeft aan dat afgevoerde koeien gemiddeld 1.000 euro opbrengen. „Daarnaast gaat bij 90 procent van de koeien het afkalven vanzelf. Dat moet ook wel, want ik ben er bijna nooit meer bij. Een koe die moet kalven, gaat ’s ochtends het strohok in en moet zich dan maar redden. Dat het zo vaak goed gaat, heeft ook weer met het gebalanceerde magnetische veld te maken. De ontsluiting komt er beter door op gang.”
Het is duidelijk dat de veehouder zijn goede bedrijfsresultaten grotendeels toeschrijft aan de aardstralentheorie. Zo ook de opvallend hoge maïs. „De grondbewerking moet optimaal zijn, evenals de bodemstructuur. Bij het laatste speelt de Broncorrector een grote rol, wat ook geld voor de conservering van kuilvoer. Slechte bacteriën krijgen geen kans meer.”

Niet serieus genomen

„Als ik de auto uitstap, weet ik meestal al genoeg”, illustreert Houwers zijn opgebouwde stralingsgevoeligheid ten aanzien van met name probleembedrijven. „Maar van nature kan iedereen het voelen. Bij een hoge druk van het magnetisch veld, ontstaat vaak hoofdpijn of pijn in de nek en schouders.” Dat het wichelroedelopen desondanks vaak niet serieus wordt genomen, verontrust Houwers niet. „Je hoeft er niet in te geloven, maar kunt het aan de koeien wel zien. Als koeien de melk niet willen laten schieten en boeren veel oxytocine moeten spuiten, is het aardmagnetisch veld vaak de oorzaak. Dieren zijn veel gevoeliger. Denk maar aan de tsunami, waarbij bijna geen dieren zijn omgekomen. Die waren al gevlucht, terwijl de mensen nog stonden te fotograferen. Je kunt heel veel uit de natuur halen, zolang je er maar voor open staat.”

Bedrijfsgegevens:

Bertie en Joke Houwers hebben in Winterswijk (Gld.) een melkveebedrijf met 55 Fleckvieh-koeien. Beiden hebben een baan ernaast, Bertie als verkoper van Broncorrectoren en Joke, enigszins in het verlengde daarvan, werkt als natuurgeneeskundige en past de Bachbloesemtherapie toe. ’s Ochtends melkt Houwers zelf in zijn 2 x 6 stands visgraat melkstal, voor de middagmelking heeft hij een vaste melker.

Rollend jaargemiddelde: 8.554 kg melk met 4,57% vet en 3,67% eiwit.
Quotum: 500.000 kg melk.
Gemiddelde tussenkalftijd: 364 dagen.
Stiergebruik: Manitoba, Ilion, Mangfall, Round Up, Rurex en Huascaran.
Rantsoen: graskuil en snijmaïs, aangevuld met gemiddeld 5 kg krachtvoer per koe per dag, Houwers past geen weidegang toe omdat hij dat te intensief vindt.
Grondareaal: 27 hectare pachtgrond, waarvan 8 ha maïs en 19 ha gras.
  Bertie Houwers met wichelroede
Het met een wichelroede opsporen van wateraders en energiebanen is voor Bertie Houwers een uiterst serieuze zaak

Bertie Houwers met Vleckvieh

Broncorrector

 
De ontstaansgeschiedenis van de Broncorrector
De onderzoeker ir. O.J. Cleveringa (1890 – 1980) was van 1920 tot 1955 Landbouwconsulent bij het ministerie van Landbouw. Hij had een heel andere kijk op de gezondheid van plant, dier en mens dan de toenmalige en huidige gangbare wetenschap. In een publicatie uit 1964 schrijft hij dat in de moderne wetenschap nog slechts wordt gewerkt op basis van verstandelijke capaciteiten. De grote hersenen hebben de kleine hersenen, waarin het intuïtieve ligt opgesloten, volledig weggedrukt. Juist dit intuïtieve, de helderziende gaven zouden het mogelijk maken om de ware aard van de natuurkrachten te zien.
Cleveringa haalt in zijn schrijven verschillende dogma’s onderuit, zoals bijvoorbeeld die van de besmetting door overdracht van parasieten van het ene individu op het andere. In tegenstelling tot anderen ging Cleveringa niet uit van het zieke, maar juist van het gezonde individu. „Waarom is een individu, te midden van zieke, onder bepaalde omstandigheden gezond gebleven?” De groeiplaats moest bepalend zijn. Immers, de veredelde rassen hadden dezelfde erfelijke eigenschappen en werden gelijkmatig bemest en aan dezelfde weersomstandigheden blootgesteld (Cleveringa vond ook veestapels die te midden van zware mond- en klauwzeerepidemieën zonder voorzorg stand hielden). Een visie die haaks stond op de ‘besmettingsdogma’, waarbij men ervan uitging dat gezonde planten bij toeval niet waren aangevallen door parasieten. Cleveringa benadrukte het belang van een ‘homogeen kruimelige grond’, opgebouwd uit een derde lucht, een derde water en een derde grond, welke zou zorgen voor een harmonische voeding en perfecte bovengrondse verhoudingen. Op sommige plekken, zoals op de ‘paardeweideplekken’, is deze grondstructuur anders. Op deze plekken weigeren paarden gras te vreten, terwijl ze er bovendien alle mest deponeren. Cleveringa ontdekte dat deze mest bovendien niet als elders werd vergist, maar verdroogde en verturfde. Het bleek dat de plekken scherp op de wichelroede reageerden. De onderzoeker vond bovendien meer plekken die zich afwijkend gedroegen, een verschijnsel als bijvoorbeeld ook de iepziekte of aardappelmoeheid. „Ziekten die volkomen worden bepaald door het afwijkende milieu. Het betreft hier een bovenzintuiglijk spel van elektromagnetische krachten”, aldus Cleveringa. „Het betreft hier kruisingen van waterbanen en aardgasplekken met een zodanig hoog potentiaal en een zo krachtige energieafzuiging, dat de nuttige bodemorganismen, die de organische mest moeten vergisten, afsterven.”
Cleveringa kreeg van tuinder Johannes Bron uit Waddinxveen het verzoek zijn problemen, die met de gangbare theorieën niet waren op te lossen, eens te onderzoeken. De ervaren wichelroedeloper Van Oel vergezelde Cleveringa en al snel bleek dat Bron sterk roedegevoelig was. Bron werd gegrepen door de theorieën van Cleveringa en ontwikkelde zich in dezelfde richting, zo schrijft de laatste. Ook zorgde Bron voor een doorontwikkeling van een bestaand afschermapparaat, wat resulteerde in de huidige Broncorrector.
De in 1950 ontwikkelde corrector is een waterdichte grijze kunststofbuis van 125 cm lengte en met een diameter van 30 cm. De buis wordt verticaal in de grond geplaatst, waarbij er nog 25 cm boven de grond uit komt. Onderin de buis zit een natuurkundig instrument, dat is samengesteld uit diverse edelmetalen. Met een kompas wordt de corrector exact op het magnetische noorden afgesteld, zodat hij voor een goede werking optimaal gebruik kan maken van de vrije energie van het magnetische veld, zo is op de website www.broncorrector.com te lezen. „De Broncorrector bewerkstelligt een perfecte geleiding van vrije energie door de bodem. Door de werking van de corrector worden de gebonden liggende voedselvoorraden in de bodem beter opneembaar gemaakt voor de plant. En worden harde en storende lagen in de bodem geleidelijk omgezet in een poreuze kruimelstructuur met een prima capillaire werking.”
De geleiding van de vrije energie resulteert in een evenwichtiger spanning van het aardmagnetisch veld. Dat zou zorgen voor een betere gezondheid van plant, dier en mens. Houwers legt uit dat de corrector een cirkelvormig veld aanlegt, waar de door aardstralen opgebouwde spanningsverschillen worden geneutraliseerd. Er zijn vier verschillende correctors beschikbaar met alle een verschillend werkbereik. Wereldwijd zijn er inmiddels 13.000 Broncorrectors verkocht, in alle werelddelen. „Je kunt je er geen buil aan vallen, want als de corrector na een jaar niet bevalt, kun je hem terugbrengen en krijg je 80 procent van je geld terug. De ervaring leert dat 97 procent het apparaat houdt”, aldus Albert Bron, zoon van ontwikkelaar Johannes Bron.


Reacties

Aantal: 1
Heel goed dat hier meer aandacht voor komt.
Zelf had ik op mijn melkveebedrijf in Oosterhesselen in 1991 een Broncorrector. Alle 300 roeken die al 50 jaar boven mijn boerderij nestelen, verdwenen onmiddelijk en gingen 200 meter verderop nestelen.
Kanker zal niet meer voorkomen in je woning en op je bedrijf......
Lucas de Groot  |  18-11-2010  |  18:03

Nieuwste editie:

Melkvee Magazine

Volgende editie:

25
feb.´12
Melkvee Magazine
nr. 2

Melkvee Magazine

is een uitgave van:

Agrio uitgeverij bv